Het masker mag wel af
Je loopt door de supermarkt en niemand let op je. Toch controleer je ondertussen van alles. Kijk je niet te lang naar die man bij de kaas? Klinkt je “goedemiddag” wel normaal genoeg? Herkenbaar? Dan ben je zeker niet de enige en er bestaat een slimme gedachte uit de filosofie die uitlegt hoe dit werkt.
Eind achttiende eeuw bedacht de Engelse filosoof Jeremy Bentham een bijzonder gevangenisgebouw: het panopticon. In het midden ervan staat een toren, daaromheen liggen de cellen. Vanuit de toren kan een bewaker alle gevangenen zien. Maar de gevangenen kunnen de bewaker niet zien. Ze weten dus nooit of er op dit moment naar hen gekeken wordt. En wat doe je als je nooit zeker weet of iemand meekijkt? Je gedraagt je voor de zekerheid altijd netjes. De bewaker is uiteindelijk niet eens meer nodig.
Bijna twee eeuwen later las de Franse denker Michel Foucault over dit gebouw en zag er iets groters in. Volgens hem werkt onze hele samenleving een beetje zo. Overal zijn er ongeschreven regels over hoe je je hoort te gedragen. Niemand hoeft ze steeds uit te spreken en we hebben ze zelf zo goed geleerd dat we onszelf corrigeren.
Foucault noemde dat de norm, oftewel het idee van wat “normaal” is. Wie binnen de norm blijft, valt niet op. Wie erbuiten valt, merkt dat meteen, aan een scheve blik of een goedbedoeld “doe nou even normaal”. Het bijzondere is dat die blik uiteindelijk naar binnen verhuist. Je hoort de bewaker niet meer buiten je, maar in je eigen hoofd.
Neurodivergent
Het brein van neurodivergente mensen werkt een beetje anders dan het gemiddelde. Dat, terwijl de wereld is ingericht op het gemiddelde. Dus ben jij vaker degene die afwijkt van de norm. En daarmee staat jouw toren eigenlijk extra stevig overeind.
Misschien herken je een paar van deze dingen. Je oefent zinnen in je hoofd voordat je ze hardop zegt. Of je let op je oogcontact. Lang genoeg om aandachtig te lijken, kort genoeg om niet te staren. Dit soort gedrag heet maskeren, oftewel een masker opzetten om er “gewoon” uit te zien. Veel neurodivergente mensen doen dit hun hele leven, vaak zonder dat ze het doorhebben. Het kan ze helpen om niet op te vallen, maar het kost ook enorm veel energie.
Dat verklaart waarom je na een feestje of zelfs een uurtje boodschappen doen kunt voelen alsof je een marathon hebt gelopen. Je was niet alleen aan het boodschappen doen. Je was ook de hele tijd je eigen bewaker.
Krap
De norm is uiteindelijk natuurlijk iets wat mensen samen hebben bedacht, geen natuurwet. En wat mensen hebben bedacht, kan ook opener worden. Maar die norm past niet voor iedereen even goed. Als je neurodivergent bent, kun je merken dat hij soms wat te krap voor je is.
Het goede nieuws is dat er wel degelijk ruimte is. Je moet hem alleen soms zoeken of zelf maken. Er zijn bijvoorbeeld mensen bij wie je het masker mag laten zakken. Bij wie je mag stimmen of mag zeggen dat het te druk is. Koester die mensen. Ga ook eens wandelen zonder doel. Als niemand iets van je verwacht, kan de bewaker even pauzeren. Je zult merken hoe fijn dat kan zijn.
Soms is een masker nuttig, bijvoorbeeld bij een sollicitatiegesprek. Maar plan daarna bewust herstel in: een stille avond of een uurtje niks. En ga staan voor je eigen behoeften. Zeg “ik heb een koptelefoon nodig” of “ik antwoord liever schriftelijk”. Elke keer dat iemand dat doet, wordt het een beetje normaler. Zo krijgt de toren een barst.
Uiteindelijk zit de bewaker er niet voor niets. Hij probeerde je ooit te beschermen tegen de afwijzing en het onbegrip die je misschien hebt meegemaakt. Hij mag er zijn, maar je mag hem ook gewoon vertellen: “Dank je, maar vandaag heb ik je niet nodig.” Zeg gewoon even hallo en loop vervolgens lekker verder.
Over de auteur
- Karolien Koolhof is coach voor introverten en hoogbegaafden
- Auteur van het boek Introvert Leiderschap
- Contact